appartementshonden

7 x goed gezelschap op een appartement

Foto’s: © Shutterstock

Op zoek naar een rustig hondenras dat in een appartement kan wonen? Wil je een “beginnershond” die relatief makkelijk op te voeden is? Een viervoeter waarmee je niet elke dag minstens twee uur mee door een bos moet ploeteren? Iedereen heeft al wel gehoord van de chihuahua, de maltezer en de shih tzu. Daarom stellen we je nu ook voor aan zeven minder bekende gezelschapshonden!

1. VLINDERHONDJE

vlinderhondje

Vlinderhondjes gaan al mee sinds de renaissance. Oorspronkelijk waren het gezelschapshondjes voor edelvrouwen. Deze schootverwarmers werden vastgelegd op kunstwerken van onder meer Rubens, Rembrandt en Toulouse-Lautrec. Het vlinderhondje dankt z’n naam aan zijn weelderig behaarde oren, die aan de vleugels van een vlinder doen denken.

Er bestaan twee variëteiten binnen het hondenras: het vlinderhondje (papillon) en het nachtvlinderhondje (phalène). Het verschil zit ’m in de oren: het vlinderhondje heeft opstaande oren en het nachtvlinderhondje hangende oren. Deze chihuahua-lookalike fladdert dartel door het leven. Zijn vrolijkheid en positieve mindset werken aanstekelijk. 

Ondanks zijn schoothondjesformaat is het vlinderhondje niet geschikt om hele dagen op de schoot van z’n baasje te niksen. Dit slimme, nieuwsgierige en actieve hondje is graag bezig. Of het nu trucjes leren, agility of gehoorzaamheid is, dit leergierige hondje smijt zich ten volle.

2. CHINESE GEKUIFDE NAAKTHOND

Chinese gekuifde naakthond

Waar Chinese gekuifde naakthonden precies vandaan komen, is onduidelijk. Een van de theorieën is dat ze afstammen van Afrikaanse naakthonden. Ooit werden ze “Chinese scheepshonden” genoemd, omdat ze meevaarden met Chinese handelsschepen. Aan boord hadden ze één taak: ziekteverwekkers zoals ratten en ander “ongedierte” verdelgen.

Niet iedere naakthond is “naakt”. De Chinese gekuifde naakthond bestaat in twee versies: de haarloze variant en de powderpuff (de behaarde versie). De “haarloze” heeft een pluimige staart, behaarde “sokken” en een toefje haar op z’n kop – de kenmerkende “kuif”. De rest van zijn lichaam is kaal. De powderpuff is bedekt met een mantel van lange, zachte haren. In eenzelfde nestje kunnen beide versies voorkomen. 

De Chinese gekuifde naakthond is heel graag bij zijn mensen. Onbekende personen benadert hij met enige argwaan. Het kan even duren vooraleer hij nieuwe mensen in zijn leven accepteert, maar eens je deel uitmaakt van zijn kliek, kan je rekenen op veel kusjes en knuffels. De Chinese naakthond een aanhankelijke hond noemen, is een understatement. “Stalker” dekt de lading beter. Hij is toegewijd, teder en trouw. Met andere woorden: een hond die een sterke band ontwikkelt met zijn baasje(s). 

“Haarloze” Chinese naakthonden missen vaak een paar tanden. Hun “kaalheid” is het resultaat van een mutatie van een specifiek gen. Datzelfde gen is ook betrokken bij de ontwikkeling van het gebit. In de VS wordt ieder jaar de World Ugliest Dog Contest gehouden. Meermaals ging een Chinese gekuifde naakthond met de hoofdprijs naar huis. 

3. BRUSSELS GRIFFONNETJE

Brussels griffonnetje

Het Brussels griffonnetje is ontstaan uit een klein, ruwharig hondje met een rode vacht dat in de streek rond Brussel voorkwam. Dit kranige hondje werkte als ongedierteverdelger in stallen en bewaakte de koetsen. Vanaf 1880 werden er kingcharlesspaniëls en mopshonden ingekruist in het ras waardoor er nieuwe variëteiten ontstonden: het Belgisch griffonnetje (een zwarte of black-and-tanvariant) en de petit brabançon (een kortharige variatie). Deze drie soorten kunnen in eenzelfde nest geboren worden. De Fédération Cynologique Internationale (FCI) beschouwt ze als drie afzonderlijke rassen, terwijl andere kynologische verenigingen, zoals de American Kennel Club (AKC) en de Britse Kennel Club (KC) hen alle drie onder hetzelfde ras rekent.

Het Brussels griffonnetje is een klein, vriendelijk en rustig hondje: ideaal voor stadsmensen. Het lijkt alsof Brusselse griffonnetjes een trotse houding en haast menselijke expressie hebben. Ze zijn alert en houden alles in de gaten. Deze hondjes hebben minstens een half uur beweging per dag nodig, maar ze genieten zeker ook van stevigere wandelingen. Ze gaan graag overal mee naartoe met hun baasje. 

In de komische dramafilm As Good As It Gets uit 1997 met Jack Nicholson is een belangrijke rol weggelegd voor een Brussels griffonnetje.

4. RUSSISCHE TOYTERRIËR

Russische toyterriër

De Russische toyterriër heeft Engelse roots. In de achttiende eeuw werden Engelse toy terriërs geïmporteerd in Rusland. Deze hondjes vielen in de smaak bij rijkere dames en werden een soort van “levende accesoires”. Deze dames zeulden de hondjes mee naar de opera en andere sociale evenementen om ermee te pronken. Klinkt chique, maar eigenlijk waren die dames aan het paraderen met een onvervalste rattenvanger, want dit beestje is van oorsprong een ongedierteverdelger.

De Russische toyterriër heeft iets meer pit dan de gemiddelde gezelschapshond. Hij is actief, vrolijk, intelligent en leergierig. Zijn hoge trainbaarheid maakt hem een geschikte kandidaat voor hondensporten zoals agility of dogdance. Russische toyterriërs genieten van hondenpuzzels, zoekspelletjes en apporteren. Maar ze kruipen ook graag tegen hun baasje aan op de sofa.

Een klein hondje als de Russische toyterriër kan je makkelijk overal mee naartoe nemen. Door zijn lage gewicht mag bij met sommige vliegmaatschappijen in de cabine meereizen, in een speciale bench. Handig voor wie veel vliegt of z’n hond graag meeneemt op vakantie. 

De langharige variant heeft lange haren op de oren en de staart.

5. BICHON FRISÉ

Bichon frisé

Bichonrassen, zoals de maltezer, de bolonezer, de havanezer en ook de bichon frisé hebben een lange geschiedenis als gezelschapshondjes en schootverwarmers van de aristocratie. De bichon frisé was ook een tijdje populair als circushondje. Hij is makkelijk te trainen en leert snel trucjes aan. Circussen hadden een voorkeur voor witte hondjes, omdat hun gelaatsuitdrukking goed zichtbaar was vanop een grote afstand. 

Vandaag is de bicon frisé nog steeds een eersteklas entertainer. Zijn charmante persoonlijkheid, levendige expressie en speelse karakter maken van hem een leuke gezinshond. Hij blaft weinig, is gemakkelijk in de omgang en gaat makkelijk overal mee naartoe, kortom, de ideale “beginnershond”.

De prachtige vacht van de bichon frisé vergt best wel wat onderhoud. Deze hond verliest weinig haren, waardoor hij geschikt kan zijn voor sommige mensen met een allergie.

6. KROMFOHRLÄNDER

kromfohrlander

De Kromfohrländer is ontstaan in 1945 na een romantische ontmoeting tussen een foxterriër en een soldatenhond – vermoedelijk een basset griffon vendéen. Deze toevallige kruising leverde leuke huishondjes op. Daarom werd besloten om er een nieuw hondenras van te maken.

De Kromfohrländer – kromi voor de vrienden – is een zeldzaam hondenras met een zeer kleine genenpoel. Door inteelt kent dit ras een hele waslijst aan gezondheidsproblemen: epilepsie, patellaluxatie, de ziekte van Von Willebrand, hyperkeratose, elleboogdysplasie, allergieën, … Voor een aantal gezondheidsproblemen bestaan er DNA-tests. En ondanks al die rasgebonden kwalen, heeft de kromi toch een hoge levensverwachting: tot 17 jaar!

De Kromfohrländer is een medium hond met een medium energieniveau. Kromi’s liggen graag bij hun baasje op de sofa, maar niet de hele dag. Ze hebben dagelijks nood aan een gezonde portie buitenlucht. Van alle honden uit dit lijstje heeft hij waarschijnlijk de meeste beweging nodig en mentale uitdaging nodig.

De kromi is redelijk eenkennig. Hij is niet het type hond dat uit zichzelf met iedereen kennis gaat maken. Ze tonen vaak weinig interesse in onbekende honden. Kromfohrländers hebben weinig tot geen “hondengeur”.
De vacht is vuilafstotend: vuil valt er gewoon van af. 

7. LEEUWHONDJE

leeuwhondje

Het leeuwhondje kent een lange geschiedenis die teruggaat tot in de vijftiende eeuw. In het verleden was hij voornamelijk een gezelschapshondje voor de adel. Het meest opvallende aan het leeuwhondje is natuurlijk zijn opvallend kapsel. Traditioneel worden de achterhand en de staart zeer kort gehouden: dat is de zogenaamde “leeuwsnit”. 

Het leeuwhondje is levendig, extravert, clownesk en charmant. Hij staat graag in de belangstelling. Leeuwhondjes zijn slim en leergierig. Ze hebben een goed geheugen: eens ze een kunstje aanleren, verleren ze het niet meer. De combinatie van deze eigenschappen maakt dat het leeuwhondje geschikt is voor sporten zoals doggydance, agility en gehoorzaamheid. Zolang er maar voldoende variatie in de training zit, anders gaat hij zich vervelen.  

In de omgang met andere honden is het leeuwhondje allesbehalve verlegen. Hij staat zijn mannetje, zelfs wanneer hij omringd wordt door grotere soortgenoten. Het lijkt vaak alsof het leeuwhondje zich niet bewust is van zijn eigen gestalte. In zijn ogen is hij zo groot als een leeuw. Hij waant zich ook een leeuw bij het beschermen van zijn territorium. Dit alerte waakhondje heeft alles gehoord en gezien. De vraag is natuurlijk of inbrekers zo’n schattig snoetje wel serieus nemen…

FCI-groep 9: Gezelschapshonden
De Fédération Cynologique Internationale (FCI) deelt hondenrassen in in 10 rasgroepen, naargelang van hun oorspronkelijke functie. Groep 9 is de groep van de gezelschapshonden. Hierin vind je allemaal hondenrassen die werden gefokt om ons gezelschap te houden. Het zijn voornamelijk easygoing, relatief rustige, aanhankelijke viervoeters die makkelijk te trainen zijn. 

Scroll to Top
Scroll to Top